Tijd voor een mondeling schoolrapport?

  •  
  •  
  •  
  •  

Het is tijd om van het rapport zoals we het nu kennen af te stappen en over te gaan op een andere vorm van rapporteren. Het schoolrapport bestaat al zolang we de basisschool in de huidige vorm kennen. Kinderen, ouders, leerkrachten, iedereen is gehecht aan het schoolrapport. Maar is het niet tijd om met deze traditie te breken? Schieten de rapporten zoals ze door de meeste scholen worden meegegeven hun doel niet voorbij? Leveren schoolrapporten de leerkracht niet onnodig veel werk op en zorgen ze juist niet voor meer ónduidelijkheid dan duidelijkheid?

Waarom we moeten stoppen met het huidige rapport:

Het rapport kan niet voor én ouders én leerlingen zijn

In veel gevallen is het niet duidelijk met welk doel het rapport wordt uitgegeven; is het een rapport voor het kind of een rapport voor de ouders? Het maakt nogal uit of je er als school voor kiest om een ’bemoedigings’-rapport voor de leerling te maken of probeert een objectieve weergave van een leerling uit te drukken in een cijferrapport (bolletjes, lettertjes of meer recent: ’Smileys’).
Bij een bemoedigingsrapport is de bedoeling goed; een rapport om het kind te laten merken dat het goed werkt, resultaten boekt en dat dit gezien wordt. Vroeger kon dit. Leerling blij, ouder blij. Voilá, een mooi rapport. Tegenwoordig vergelijken ouders rapporten en roepen leerkrachten ter verantwoording als er oneffenheden in de ‘bewijslast’ voorkomen. Omdat het doel (rapport voor kind) niet strookt met de wens van ouders (een objectief, vergelijkbaar overzicht), heeft het rapport in zijn huidige vorm geen enkel nut.

Kies je als school voor een objectieve weergave van de prestaties (een rapport ‘voor de ouders’), ook dan loop je tegen de nodige problemen aan. Het kind dat erg hard werkt en zijn/haar best doet, krijgt jaar in jaar uit onvoldoendes te verteren. De ouders houden van duidelijkheid, maar als je als school harde cijfers presenteert verliest het rapport soms haar pedagogische waarde.

Rapporten zijn niet objectief en dus niet te vergelijken

Een goed rapport is objectief. Het is een weergave van de prestaties van de leerling. Deze objectiviteit is van groot belang, want pas dán kan je rapporten met elkaar vergelijken. Is mijn kind beter geworden in de laatste jaren? En hoe verhoudt de score van leerling x zich ten opzichten van leerling y (overigens een vraag waar alleen leerkrachten zich mee bezig zouden moeten houden)? Het geven van objectieve scores in een rapport blijkt in de praktijk echter bijna onmogelijk. Binnen een school liggen er vaak afspraken om tot een uniform, objectief cijfer te komen. Maar, omdat er met kinderen gewerkt wordt, is het afwijken van die afspraken vaak nodig. Ieder kind is namelijk anders en een proces van een (half) jaar is vaak niet in één cijfer uit te drukken. Waarom veel tijd en energie steken in een rapport dat toch niet te vergelijken is?

schoolrapport

Rapporten maken is intensief

Het bijhouden van cijfers is belangrijk. Je wilt immers zicht hebben op de vorderingen van leerlingen. Als leerkracht registreer je elke toets, je beschrijft de interventies die je pleegt bij onvoldoendes en evalueert het hele proces. Dit doe je voor álle vakken, voor álle kinderen op álle dagen. Dit is niet erg: het maakt dat je precies weet wat de leerlingen leren en doen. Jij, als professional, kan met deze data aan de slag en kan je onderwijs er kwalitatief hoog door houden.

Voor het schoolrapport is het de bedoeling dat je uit deze brij van informatie een soort samenvatting voor ouders (of leerlingen?) maakt. Deze samenvatting mist álle nuances die jij in de dagelijkse praktijk toepast, het mist elke verklaring die jij zo graag wilt geven als professional én het mist het gevoel dat jij in je onderwijs legt. Gaan je deze nuances wel leggen, dan kost dit veel tijd.

Een alternatief voor het schoolrapport

Oké, je kunt in het rapport vaak niet kwijt kan wat je wilt zeggen en het is erg arbeidsintensief om tot dit rapport te komen. Als je je dan bedenkt dat het rapport niet voor ouder én kind geschikt kan zijn, je nooit een objectieve weergave kunt geven en dat je voor een groot deel dubbel werk aan het doen bent; is het dan niet beter om te stoppen met dit medium?

Je bespaart door het weglaten van het rapport zoveel tijd, dat je de 10-minutengesprekken kan oprekken naar 15 á 20 minuten.

Een mondeling schoolrapport voor ouders

Om een goede rapportage naar ouders te doen, kan je als school eigenlijk volstaan met een uitdraai van het leerlingvolgsysteem. Hier staan de onafhankelijke toetsen in die goed te vergelijken zijn. Je bespaart door het weglaten van het rapport zoveel tijd, dat je de 10-minutengesprekken kan oprekken naar 15 á 20 minuten. In zo’n langer gesprek kan je dan alles kwijt wat je wilt: het échte verhaal over de leerling, met alle nuances die jij als leerkracht wilt leggen. Voor ouders is dit ook prettiger; ze kunnen direct de vragen stellen die ze hebben.

Een ‘schoolboekje’ voor de leerling

Voor de leerlingen is het goed een periode van hard werken af te sluiten. Voor hen kun je daarom nadenken over een simpeler, persoonlijker verslag. Een blad waarop de leerling en de leerkracht een verhaal schrijven, of eventueel een tekening maken, over de afgelopen periode kan al genoeg zijn. Als leerkracht kun je de complimenten en aandachtspunten geven in een kort stukje tekst, dezelfde tekst die je waarschijnlijk toe zou voegen aan je schoolrapport.

De kwaliteit van het onderwijs wordt door deze verandering niet minder. Het volgen van de vorderingen verdwijnt niet, er blijft voldoende aandacht voor het bijsturen van de leerlingen én de ouders krijgen nog steeds de feedback van dit proces. Het scheelt alleen werk, een heleboel werk.

Het is tijd voor een alternatief op het schoolrapport
  • 92.31% - ( 12 stemmen )
  • 7.69% - ( 1 stem )

  •  
  •  
  •  
  •  

1 reactie

  • Dag Jelle.

    Leuk om bovenstaande te lezen. Sluit aan bij mijn visie over hoe je ouders moet informeren over de ontwikkeling van hun kind(eren).
    Ik heb deze discussie op mijn vorige school ook gevoerd. Op dit moment worden ouders op 2 manieren geïnformeerd. Aan de ene kant middels het rapport en anderzijds door middel van het leerlingvolgsysteem. In het rapport staan over het algemeen de resultaten van de methode gebonden toetsen eventueel aangevuld met resultaten van de cito toetsen en de sociaal emotionele ontwikkeling.
    Dit kan voor ouders verwarrend overkomen. De resultaten van de methode gebonden toetsen zijn over het algemeen gestoeld op het korte termijn geheugen. Na een korte periode van aanbod en in-oefening wordt er een toets gegeven. Spelling is daar een mooi voorbeeld van. Bij de citotoetsen wordt uitgegaan van het langere termijn geheugen. M.a.w. wat heeft de leerling onthouden over een langere periode. Over het algemeen zijn de resultaten van de methode gebonden toetsen beter dan die van de cito. Dit kan verwarrend overkomen. Ouder vragen zich vaak af hoe dat verschil kan ontstaan: “mijn kind heeft op het rapport een goed voor rekenen terwijl de cito een ander beeld geeft’. Ouders krijgen een beter beeld van hun kind als het vergeleken wordt met centraal getelde normen en vergelijkingen met andere leerlingen. De wijze waarop deze normen
    tot stand komen kan onderdeel zijn van een discussie daarover maar om dat dit is afgesproken is dit wel de norm die wordt gehanteerd.
    Bij adviezen over het vervolgonderwijs (plaatsingswijzer) vormen de resultaten van het leerlingvolgsysteem de basis. Het resultaat van de eindtoets basisonderwijs wordt – in tegenstelling tot een aantal jaren geleden – nu meer gezien als een bevestiging van het schooladvies en niet meer als criterium voor verwijzing.
    Ik denk dat de oudergesprekken hierop moet worden aangepast.
    Ouders krijgen voor het gesprek met de leerkracht een uitdraai van de leerling kaart (of kunnen inloggen op de kaart van hun kind) en zijn dan voorbereid op het gesprek. Het voordeel is dat deze uitdraai niet vatbaar is voor meerdere interpretaties en helpen de leerkrachten om een objectief beeld neer te zetten van de desbetreffende leerling en is niet vatbaar voor interpretatieverschillen tussen leerkrachten.
    Tijdens het oudergesprek blijft er dan meer tijd over om met elkaar te spreken over ontwikkelingen van hun kind die net zo belangrijk zijn of in enkele gevallen nog belangrijker.
    De leerlingen zouden een ander rapport moeten krijgen wat meer toegesneden is op kindniveau (b.v. portfolio). Het zou een weergave moeten zijn van resultaten die door de leerkracht met het kind zijn afgesproken (ambities van leerlingen) en informatie geven over de vaardigheidsscores van bepaalde vakken waarbij de leerling niet vergeleken wordt met landelijke gemiddelden (cito).
    Op deze wijze kom je tegemoet aan het beeld dat de leerling heeft over zijn of haar prestaties van de afgelopen periode en geeft de ouders informatie waar kun kind staat in vergelijk met andere leerlingen.
    Het leerling rapport zou dan ook met hen moeten worden doorgesproken en niet moeten worden uitgedeeld kort voor het einde van de les!
    Van leerkrachten hoor je vaak dat het kind meer is dan alleen de citoscore! Dat klopt. Op deze manier geef je zowel de leerling als de ouders een beter beeld.
    Ik gebruik wel een het voorbeeld van het ‘groeiboekje’ dat ouders krijgen bij de geboorte van hun kind. Hierin worden op basis van vergelijkingen met ander kinderen een beeld gegeven over de ontwikkeling. En het zegt niks over het kind zelf. En zo is het maar net!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Los ook nog even de som op omdat je geen robot bent: *